Willem Boogman

composer


subscribe to my newsletter

Stockhausen

Werkbericht

Ik heb een uitermate elegante en inspirerende compositie-techniek te pakken, gebaseerd op een theorie van Stockhausen (›polyparametriek‹).
Het lijkt in de verte ook op Ableton, maar ik maak geen gebruik van het programma.
Het werk vindt plaats in de innerlijke wereld van bestaande of gefixeerde muziek. Met de techniek en wat voorstellingsvermogen kan ik het muzikale DNA zodanig veranderen dat het weefsel een gedaantewisseling ondergaat. Er ontstaat tegelijkertijd ›diepte‹, een soort meer-dimensionaliteit, of een ›verwijde‹ polyfonie, in klank!
De volledige techniek pas ik nu toe in Distant Voices voor acht muzikanten.
De techniek werd ›voorbereid‹ met Genieting VII voor piano (helaas nog onvoltooid wegens gebrek aan tijd en geld) en
Nous le chant III voor kamerkoor, accordeon, orgel en samples.

distant voices composition

I have found a very elegant and inspiring composition technique, based on a theory of Stockhausen (›polyparametrics‹).
It also looks somewhat like Ableton, but I do not use the program.
The work takes place in the inner world of existing or fixated music. With the technique and some imagination I can change the musical DNA such that the fabric undergoes a metamorphosis. At the same time it creates ›depth‹, a kind of multi-dimensionality, or ›widened‹ polyphony, in sound!
The complete technique I now apply to Distant Voices for eight musicians.
The technique was ›prepared‹ with Genieting VII for piano (unfortunately unfinished because of lack of time and money) and
Nous le chant III for chamber choir, accordion, organ and samples.

Impulses – 1

notes no-notes
4(a)
For a long time it was my dream to start the day by playing sequences of electronic pulses which would move around my study at different speeds, with the distance between the pulses’ entries being able to be varied, from long intervals to coagulations so dense they would – just for a moment – give rise to a held note. I have never made this dream reality at home, but I have in many different ways in pretty well all my compositions.

The notion of these ›impulses‹, with the fascinating properties I’ve described, came, of course, from Stockhausen. Around the time of the conception of La disciplina dei sentimenti and Genieting 1 I was engaged in a prolonged study of his Texte zur elektronischen und instrumentalen Musik (Cologne, 1963.) An account of this period of research can be read in the Dutch Journal of Music Theory under the title ›Een lezing voor New York‹ (Amsterdam, 2001.) The article is based on a lecture that I gave in New York in 1995.

The most important aspect to emerge from this article was the idea that impulses determined the structure and the course of my music, and that they did so from within and at any moment: that is to say that they could immediately bring about something in the music; as opposed to prefabricated structures, which were designed prior to the genesis of the music.

Whether I have succeeded in applying impulses in this way remains, for as long as I continue applying them, an open question. It is, however, a fact that they still fascinate me, also for other reasons, which I will write about in ›Impulses – 2.‹
In ›Impulses – 3‹ I shall explain how they should be interpreted and performed.

(Translation: Robert Coupe)

impulses in one of my compositions Click here to see impulses in La disciplina dei sentimenti, page 120
4(b)
Lange tijd was het mijn droom om de dag te beginnen met het afspelen van reeksen elektronische pulsen die met verschillende snelheden door mijn werkkamer bewogen, waarbij de inzetafstand tussen de pulsen kon worden gevarieerd van grote pauzes tot samenklonteringen die zo dicht waren dat – even – een aangehouden toon ontstond.
Ik heb dit bij mij thuis nooit gerealiseerd, maar wel op vele manieren in vrijwel al mijn composities.

Het idee van deze ›impulsen‹ met bovengenoemde, fascinerende eigenschappen kwam natuurlijk van Stockhausen. Ten tijde van de conceptie van La disciplina dei sentimenti en Genieting I was ik langdurig bezig met het bestuderen van zijn
Texte zur elektronischen und instrumentalen Musik (Köln, 1963). Een verslag van deze onderzoeksperiode is te lezen in het Tijdschrift voor Muziektheorie onder de titel ›Een lezing voor New York‹ (Amsterdam, 2001). Het artikel is gebaseerd op een lezing die ik in New York gaf in 1995.

De belangrijkste uitkomst van dat artikel was het idee dat impulsen de structuur en het verloop van mijn muziek bepaalden en wel van
binnen uit en op ieder moment: dat wil zeggen dat zij onmiddellijk iets teweeg konden brengen in de muziek; dit in tegenstelling tot geprefabriceerde structuren, die vooraf aan de wording van de muziek werden ontworpen.

Of het mij gelukt is impulsen op deze wijze toe te passen blijft een open vraag zolang ik er nog mee bezig ben. Want het is een feit dat ze me blijven fascineren, ook om andere redenen, waarover ik zal schrijven in ›Impulsen – 2‹.
In ›Impulsen – 3‹ zal ik uitleggen hoe ze moeten worden geinterpreteerd en uitgevoerd.